woensdag 2 juli 2014

Roti

Roti is de deegplaat, deegkoek, of tortilla, waarin een tussenlaagje van gekruide en gemalen gele spliterwten (dahl), kikkererwten of aardappel is verwerkt. Roti eet men vooral bij masala kip, rund, lam of zelfs vis. In de volksmond benoemt men de combinatie van deze gerechten samenvattend 'roti'. Maar in feite is roti dus alleen de deegkoek waar de andere gerechten mee genuttigd worden. Roti eet men met de handen. De bereiding hoeft niet moeilijk te zijn mits men de volgorde en behandeling van de ingrediënten beheerst en consequent uitvoert. Onderstaande bereiding is geheel mijn eigen aanpak. Andere koks zullen wellicht andere methoden toepassen maar dat hoeft niet tot een beter of slechter resultaat te leiden. Het gaat hier louter om persoonlijke smaak. 

Bereiding met gele spliterwten verloopt alsvolgt:

Voor de dahl:
200 gr gele spliterwten
1 kleine ui
1 teen knoflook
Een stukje madame jeanette
1 el olie
3 tl geroosterde gemalen komijn (ik rooster zelf de zaadjes en vijzel deze tot poeder.)

Bereiding dahl:
Kook de spliterwten in 20 á 25 minuten nog net niet helemaal gaar.
Laat ze uitlekken en afkoelen. (Ik kook ze een dag van tevoren en laat ze dan een nacht in de koelkast staan.)
Maal de erwten in een blender totdat er geen hele stukken erwt meer inzitten.

Pureer de ui, knoflook en de peper.
Verhit wat olie en bak de specerijen tot ze gaar zijn.
Voeg de gemalen spliterwten toe.
Meng de massa goed en bak op laag vuur, desnoods op een sudderplaatje, om aanbakken te voorkomen. Blijf  roeren totdat de massa indroogt en rul wordt. Rulle dahl is essentieel voor succesvol roti’s rollen en bakken.
Roer de komijn door de gebakken dahl.
Laat het mengsel afkoelen. Ik zeef daarna de dahl door een fijne vergiet en wrijf de afgezeefde kluitjes ook fijn zodat ik een mooie homogene en gelijkmatig gemalen dahlvulling krijg.


Voor het deeg:
250 gr zelfrijzend bakmeel
2 tl zout
2 tl suiker
15 gr roomboter
2 el olie
140 cc lauw water
(Om het deeg nog zachter en luchtiger te krijgen voeg ik aan het water de suiker toe en 3 of 4 gram bakkersgist. Dat laat ik 10 minuten staan. Verder verdubbel ik de hoeveelheid boter dan ook.)

Meng het bakmeel met zout, boter en olie.
Voeg het water toe en kneed het deeg tot een mooie bal.
Smeer deze bal in met 1 el slaolie.
Leg weg onder een vochtige doek op een warme plaats waar het niet tocht, en laat het een uur rijzen.

Voor het bakvet:
Smelt in een pannetje 50 gram roomboter en meng hier evenveel olie doorheen.
Zet dit met een lepel of een kwastje gereed in de buurt van de roti bakplaat.

De roti samenstellen en vormen:
Verdeel het gerezen deeg in 4 even grote ballen.
Zet ze op een met bloem bestoven bord onder een doek tegen uitdrogen.

Maak van zo een deegbal een schoteltje in de kuil van je hand.
Schep 1 tot 2 eetlepels dahl op het deegschoteltje.
Vouw het deeg om de dahl heen en kneed het goed dicht. Probeer het deeg overal even dik te houden.
Draai een mooie bal van de gevulde deegbal.
Leg de gevulde deegballen op een bestoven bord onder een doek.

Verhit de rotibakplaat.

Bestuif het werkblad met bloem.
Leg een deegbal op het werkblad, bestuif deze met wat bloem en druk de bal gelijkmatig plat tot een ca 2 cm dikke schijf.
Bestuif de deegroller.
Rol nu de deegschijf uit tot een ronde plaat. Rol niet teveel over de randen want dan kan dat stuk gaan en dan komt de vulling eruit.
Keer het deeg regelmatig om op het werkblad.

Roti op de bakplaat bolt vaak op. Niks mis mee!
Als de roti de juiste vorm heeft smeer je de bakplaat in met een beetje olie/botermengsel. Zorg voor een niet te hoog vuur want anders kan de roti donkere plekken vertonen.
Leg de roti hierop.
Druk de randjes licht aan met een spatel.
Controleer of de roti gelijkmatig gaart en niet verbrandt.
De roti kan tijdens dit proces sterk opbollen, tot zelfs het formaat van een kleine voetbal!. Controleer of het vuur dan niet te hoog staat. Blijf de roti bewegen over de plaat om gelijkmatig te garen.
Als de eerste zijde bijna gaar is smeer je de bovenkant van de roti in met olie/botermengsel en keer je de roti op de plaat om. Herhaal de handelingen tot de roti gaar is.
Haal de roti van het vuur en leg deze op een ruim matig verwarmd bord onder een schone doek. Als je de roti pas later gaat eten, kun je beter geen verwarmd bord gebruiken omdat ze anders uitdrogen en de onderste roti’s hard worden.
Als je er handigheid in krijgt kun je de volgende roti al rollen terwijl de vorige nog op de plaat ligt te garen.

Dien de roti met bijbehorend masalagerecht bij voorkeur meteen op  want vers gebakken roti’s zijn het allerlekkerst.